Leestijd: ± 1 minuten

Je koopt een wandelstok, maar dan staat-ie er gewoon... een beetje bij. Te lang, een beetje krom lopen, schouder omhoog. Herkenbaar? Dan is de kans groot dat de hoogte niet klopt.

Het goede nieuws: de juiste hoogte instellen is verrassend eenvoudig. En het verschil merk je meteen.

Inhoudsopgave

De gouden vuistregel

Ga rechtop staan met je gewone schoenen aan. Laat je armen ontspannen langs je lichaam hangen. De bovenkant van de wandelstok hoort nu precies tot aan je polsgewricht/polsplooi te reiken.

Dubbel checken of het klopt

Zodra je de wandelstok op deze hoogte hebt ingesteld, controleer je nog even of hij echt op de goede hoogte staat. Dit doe je zo: Wanneer je nu de wandelstok vast houdt, dan is je elleboog licht gebogen, ongeveer 15 tot 20 graden. Voel je een natuurlijke steun zonder dat je schouder omhoog trekt of je romp scheef staat? Dan zit je goed.

Tip: Draag altijd de schoenen die je ook tijdens het wandelen gebruikt. Een dikke zool of een hak kan al snel 2 tot 3 centimeter verschil maken.

Wanneer is de stok te lang of te kort?

Een stok die te lang is, duwt je schouder omhoog. Je loopt als het ware scheef mee met de stok in plaats van dat hij jou steunt. Een stok die te kort is, laat je voorover buigen — en dat trekt precies op de verkeerde plek aan je rug en nek.

Beide situaties geven op termijn klachten. Precies de reden waarom de hoogte écht het eerste is wat je goed moet zetten.

Benieuwd welke wandelstok het beste bij jou past? Bekijk het volledige assortiment wandelstokken van Breed Zorg. 

Winnie Man